Een overhemd, zowel casual als business, is gemaakt van 100% katoen. Natuurlijk zijn er ook shirts gemaakt met een verhouding polyester er door geweven, maar die noemen we maar liever niet als overhemd. Maar bij 100% katoen blijft het niet. Er zijn ontelbaar veel katoensoorten en evenzoveel wevingen mogelijk. 

Katoen

Er zijn dus heel veel soorten katoen, voor overhemden worden vaak lange vezels gebruikt. Want in het algemeen geldt, hoe langer de vezel, hoe zachter de stof. De term die wordt gebruikt om deze lengte aan te duiden is: Super. Dus hoe hoe hoger de Super, hoe langer de vezel is en dus hoe zachter je overhemd aanvoelt. Deze term wordt met name gebruikt in de tailored-shops. 

Herkomst katoen

Waar komt de katoen vandaan? Als je dat aan een specialist vraagt, dan zal hij waarschijnlijk landen als India en Egypte noemen. Wat momenteel is het echt dure segment veel gebruikt wordt, is katoen uit Mozambique. De soort katoen die veel in polo's gebruikt wordt, heet Pima en komt uit Peru. Dan hebben we het wel over poloshirts uit het duurdere segment.

De weving

Het draaien van katoen

In het algemeen hoor je vaak de term 100 single of 100 dubbel. De 100 staat dus voor de lengte van de vezel, de single of dubbel voor het aantal draaingen van de katoen tot draad. Wordt het 1 keer gedraaid, dan heet het single, wordt het twee keer gedraaid dan heet het dubbel. De Engelse term hiervoor is two ply. de meest luxe shirts zijn van two-ply (ook die van shirtsofholland en mouwlengte 7). En er zijn zelfs overhemden die een triple-ply hebben. Hoe vaker de katoen gedraaid wordt, hoe glanzender de stof.

Het weven

Na het draaien worden de draden geweven. ook daarin zijn ontelbaar veel variaties mogelijk. Termen die je vaak hoort zijn Twill, Oxford, Poplin, Herringbone en fil-a-fil. Twill geeft aan dat de draden met een diagonale streep worden geweven. Bij poplin heb je geen contrast, dat is dus een vlakke weving. Oxford geeft aan dat er kleine puntjes in de stof ontstaan en herringbone is de zogenaamde visgraat weving. Bij een Fil-a-fil tenslotte ontstaan er kleine wafeltjes in de stof.

Finishing

Tegenwoordig zie je steeds vaker dat de shirts na het weven nog worden bewerkt. Bijvoorbeeld om het strijken te vergemakkelijken. Deze finish zorgt er echter wel vaak voor dat het doek, de stof, minder soepel wordt. Vaak is deze finish op basis van ammoniak. Na meerdere keren wassen is deze finish dan vaak verdwenen en het effect dus ook. Termen die je vaak tegenkomt zijn easy care of easy iron en non iron. Alle overhemden van mouwlengte7.com en shirtsofolland.com zijn easy iron. Niet op basis van ammoniak bewerkt, maar door de keuze voor een specifieke katoensoort die soepeler is dan de meeste katoensoorten.